Bikse Bureaucratie (3 januari 2016)

Tussen Kerst en Oud en Nieuw liep ik binnen bij de enige boekhandel van Hilvarenbeek. Bij Peter Swaanen dus. Voor een velleke postzegels waar in deze tijd van het jaar veel vraag naar is. Naar kerstzegels dus.
Het was er druk, dat is niks bijzonders voor die boekhandel, dat is net zo vanzelfsprekend als de file op de A58 naar Eindhoven en ernstige ongelukken richting Venlo, Duitse grens en Ruhrgebied. Geen verkeershinder, opstoppingen of ongelukken dat is de uitzondering. Helaas, maar het is niet anders, stel ik gelaten vast. Terug naar de boekhandel. Ik sta er ook niet van te kijken dat Peter Swaanen 5 duizend 499 kandidaten achter zich hield, allemaal mensen die net als hij – en niet te vergeten zijn team -, boeken en tijdschriften verkopen. Ik durf de stelling aan dat aan de Doelenstraat het begrip klantvriendelijkheid opnieuw gedefinieerd wordt.

Rondkijkend zag ik dat de stapel van mijn bundel Uitgesproken een stapeltje geworden was. Die twee exemplaren worden echt geen winkeldochters, concludeerde Peter en die kent de mores van het boekenvak. Winkeldochters dat zijn onverkoopbare boeken die te lang in de winkel liggen. Het jongste boek met zwart-wit foto’s van RaNaoi wordt zeker geen winkeldochter. Mensen kijken nou eenmaal liever plaatjes dan dat ze letters vreten. Bladerend door Hilvarenbeek rond de jaren 70 verzeil je onherroepelijk in memory lane, ten minste als je net als ik bij de misters van Meel en van Hoof in de klas gezeten hebt, lang geleden dus.

Ik verwacht dat de boeken van collega’s Frank de Jong en Bob Duijvestijn grif van de hand gaan. Frank en Bob waren of zijn columnist bij VLOHradio. Frank schreef een roman over Alida Lion, een joods meisje dat in Hilvarenbeek geboren werd en in Auschwitz vermoord. Het thema van Hou het zakelijk, de debuutroman van Bob is de bureaucratie. Eén van de 16 definities van bureaucratie luidt: Verschijnsel waarbij een groot, log, apparaat van ambtenaren de mensen verstrikt in regeltjes en voorschriften. Hierdoor verloopt alles traag en is het moeizaam om iets te regelen. Het verhaal van Bob is een schitterende vertaling van genoemde definitie. De roman is fictie, de sporen naar de reëel bestaande werkelijkheid zijn nooit uitgewist. Zo schrijft Bob in mijn exemplaar: Voor een echte Bikse mens die Hilvarenbeek zal herkennen.

Als ik schrijven kon, zat in mijn casus, wellicht geen roman, misschien een novelle, in ieder geval een ZKV, een zeer kort verhaal. Wat is het geval.

Aan de Varkensmarkt stond eens een peuterspeelzaal annex kleuterschool. Die is gesloopt. Een kale vlakte bleef achter. Wat gaat er met dat braakliggend stuk gebeuren? Niet iets om wakker van te liggen. Maar nou stond toevallig mijn wieg aan de Varkensmarkt. Dat ik daar geboren ben, heb leren fietsen, een baard kreeg en niet te vergeten veel van Engeltje S. gehouden heb, verklaart en voedt mijn niet aflatende interesse in wat eens het middelpunt van mijn wereld was: de Varkensmarkt. Is het dan vreemd om door de gemeente persoonlijk in kennis gesteld te worden, per post of langs de elektronische weg als er ontwikkelingen te melden zijn? Ja, dat blijkt vreemd te zijn. Mijn verzoek om geïnformeerd te worden zoals de omwonenden, kan niet gehonoreerd worden. Waarom: ik ben dan wel belangstellende, maar geen aanwonende. Ik heb er geen brievenbus! En de verzendlijst die de gemeente hanteert, vermeldt slechts de namen van de aanwonenden. De naam van een belangstellende toevoegen aan die verzendlijst is onmogelijk. Lees de Hilverbode!

De Bikse variant van de bureaucratie heeft naast een karrenvracht onbegrip en chagrijn een prachtige, satirische roman voorgebracht. Dat is, voor deze lezer heel, heel veel waard. Zo is het en niet anders. Ja toch.